| EPIDEMIOLOGIE, SYMPTOMEN EN BELOOP
VAN DILATATIEVE CARDIOMYOPATHIE* (DCM) BIJ DE IERSE WOLFSHOND Door: ANDREA C. VOLLMAR, ECVIM-cardiologie-gediplomeerd. *DCM werd voorheen aangeduid Congestieve Cardiomyopatie (CCM)) |
Ierse wolfshonden worden vaak getroffen door dilatatieve cardiomyopathie (DCM)
en aritmieën. [Brownlie, Serena E. (1991), "An electrocardiographic
survey of cardiac rhythm in Irish wolfhounds", Vet Rec, 19, 129, blz.470-1;
Harpster, Neil K. (1994), "Cardiac arrhythmias in the Irish wolfhound:
preliminary study", in: Harp & Hound. San Francisco: Proceed. 12th
ACVIM Forum, 1, blz.17-22; Vollmar, Andrea C. (2000), " The prevalence
of cardiomyopathy in the Irish wolfhound: A clinical study of 500 dogs. J Am
Anim Hosp Assoc, 36, blz. 1-8].
In een omvangrijke klinische studie van februari 1993 tot december 1999 werd
de prevalentie van cardiovasculaire veranderingen bij dit ras onderzocht.
Als screening-onderzoek vonden bij 632 Ierse wolfshonden uit Duitsland, België
en Nederland klinisch onderzoek en elektro- en echocardiografie plaats. Talrijke
honden werden herhaaldelijk onderzocht. [Vollmar, Andrea C. (2000), "Prevalence
and spectrum of cardiovascular abnormalities in the Irish wolfhound: clinical
evaluation of 632 sequential cases", Seattle: Proceed. 18th ACVIM Forum,
blz.120].
Bij 52 % van de honden werden cardiovasculaire veranderingen vastgesteld, daarbij
was ongeveer de helft van de veranderingen toe te schrijven aan dilatatieve
cardiomyopathie (DCM), zeer vaak in combinatie met boezemfibrilleren. Bij ongeveer
15 % van alle honden was congestieve hartinsufficiëntie (CHF) aanwezig.
Bij 7 % van de honden werden ritmestoornissen zonder voortekenen van dilatatieve
cardiomyopathie aangetoond. Ongeveer een op de tien Ierse wolfshonden vertoonde
agitatiegeleidingsstoornissen in het ECG, deze hielden echter geen verband met
de eigenlijke, te behandelen cardiomyopathie van dit ras.
In tegenstelling tot boxers of dobermannpinchers schijnen ook ventriculaire
extrasystolen bij de Ierse wolfshond geen voortekenen te zijn van een beginnende
cardiomyopathie.
Bij de meeste Ierse wolfshonden kon de ziekte echocardiografisch op een leeftijd
van 1-5 jaar worden aangetoond. De ziekte verliep in de regel langzaam progressief,
gedurende maanden tot jaren.
Bij enkele honden in het beginstadium van DCM of bij honden met CHF was de dilatatie
van het rechter ventrikel sterker ontwikkeld dan die van het linker ventrikel.
Indien een dilatatie van het rechter ventrikel, in de regel gepaard gaand met
boezemfibrilleren, als eerste verandering werd vastgesteld, ontwikkelden de
getroffen honden binnen 6 maanden ook een systolische dysfunctie en dilatatie
van het linker ventrikel. Als prevalent extracardiaal kenmerk van CHF was er
bij de Ierse wolfshond vaak extensief pleura-exsudaat aanwezig (gewoonlijk in
de vorm van chylothorax) als gevolg van bilateraal hartfalen. Soms werd milde
ascites gezien maar in geen van de gevallen een geïsoleerd longoedeem.
Bij honden met vergevorderde boezem- en ventrikeldilatatie werd vaak lichte
tot middelmatige secundaire mitralis- of tricuspidalis-insufficiëntie met
echocardiografisch matig verdikte AV-kleppen vastgesteld. Boezemfibrilleren
was een veelvoorkomend bijverschijnsel van DCM en kwam in de meeste gevallen
vroeg in het ziekteverloop voor.
![]() |
Hartonderzoek 4-6 oktober in Ede. Foto: Nathalie Robben |
Minder dan 2% van de aan DCM lijdende honden had geen boezemfibrilleren, de
meerderheid van deze honden behoorde tot één van 2 foklijnen.
Honden uit deze foklijnen ontwikkelden zelfs bij vergevorderde DCM en CHF slechts
in uitzonderingsgevallen boezemfibrilleren.
Stamboomanalyses verduidelijken de genetische oorzaken van DCM bij de Ierse
wolfshond in Europa (autosomaal dominant). Deze werden reeds beschreven in een
studie uit Groot-Brittannië. [Cobb, Malcolm A., Brownlie, S.E., Pidduck,
H.G., and R.M. Batt (1996), "Evidence for genetic involvement in dilated
cardiomyopathy in the Irish wolfhound", Birmingham. UK: Proceed, Brit Sm
Anim Vet Assoc Congress, april, blz.215].
In een andere prospectieve studie werden voor Ierse wolfshonden referentiewaardes voor het 12-kanaals-ECG vastgesteld en werd onderzocht of de ECG-criteria, die bij mensen gebruikt worden bij de diagnose linkerhartvergroting (hypertrophie), bij de Ierse wolfshond met een door middel van echocardiografie aangetoonde DCM de vaststelling van een linkerhartvergroting in het ECG kunnen verbeteren. [Vollmar AC, and Fox, PR (2001) "Clinical, echocardiographic, and ECG findings in 232 sequentially examined Irish wolfhounds", Proceed. 19th ACVIM Forum, 31, blz.844]. Het onderzoek leverde behalve de ritmebeoordeling slechts een zeer geringe voorspellende waarde op van het ECG voor het aantonen van DCM, zelfs bij toepassen van uitgebreidere ECG-evalueringsmethodes, hoewel bij 80 van de 232 Ierse wolfshonden (34.5%) door middel van echocardiografie structurele of functionele hartveranderingen werden aangetoond (CHF bij 10, 4.3%).
Hiermee is het echocardiografische onderzoek thans de meest doeltreffende methode voor het vroegtijdig herkennen van dilatatieve cardiomyopathie. Vroegtijdig herkennen is niet alleen van belang voor een bestrijding van de ziekte via fokken, maar is ook van belang voor de mogelijkheid de dieren zo vroeg mogelijk te behandelen. Door een tijdige behandeling met geneesmiddelen kan het ziekteverloop gunstig worden beïnvloed, zodat niet alleen de overlevingstijd maar ook de levenskwaliteit van de honden kan worden verbeterd.
Adres van de auteur:
Tierärztliche Klinik für Kleintiere, Heisterstr. 5, D- 57537 Wissen.
![]() |
Dr. Andrea Vollmar met Mel. Foto Nathalie Robben |
| Verklaringen |
| Dilatatieve cardiomyopathie | = | hartfalen met hartvergroting | |
| Aritmie | = | hartritmestoornis | |
| Prevalentie | = | (procentueel) voorkomen | |
| Cardiovasculair | = | behorend tot de hart/bloedsomloop | |
| Screening-onderzoek | = | preventief onderzoek met speciale test | |
| Elektrocardiografie | = | onderzoek van de elektrische activiteit van het hart | |
| Echocardiografie | = | hartonderzoek met ultrasone golven (beeldvormend) | |
| Boezemfibrilleren | = | hartritmestoornis met onregelmatige hartslag | |
| Congestieve hartinsufficiëntie | = | hartfalen zonder hartvergroting | |
| Agitatiegeleidingsstoornis | = | ziekelijke verandering van de curve van de actiestroom van het hart (ECG) | |
| Cardiomyopathie | = | ziekelijke toestand van de hartspier | |
| Ventrikel | = | hartkamer (rechts of links) | |
| Atrium | = | boezem (rechts of links) | |
| Extrasystole | = | extra hartslag | |
| Dilatatie | = | verwijding | |
| Dysfunctie | = | verstoring van de normale functie | |
| Extracardiaal | = | niet tot het hart behorend | |
| Bilateraal | = | aan beide kanten | |
| Pleura-exsudaat | = | waterophoping tussen long en borstkaswand | |
| Chylothorax | = | pleura-exsudaat met lymfevloeistof | |
| Longoedeem | = | waterophoping in de long (b.v. bij links-hartfalen) | |
| Ascites | = | waterophoping in de buik (b.v. bij rechts-hartfalen) | |
| AV-klep | = | hartklep tussen boezem en kamer | |
| Mitralisklep | = | hartklep tussen linker boezem en kamer | |
| Tricuspidalisklep | = | hartklep tussen rechter boezem en kamer | |
| Insufficiëntie | = | falen | |
| Secundair | = | hier: gevolgverschijnselen |
Met vriendelijke toestemming gegeven door de auteur ten behoeve van publicatie in Shamrock een uitgave van Stichting de Ierse Wolfshond (SIW).
© Wissen oktober 2001 - Andrea Vollmar, ECVIM-cardiologie-gediplomeerd en Stichting de Ierse Wolfshond (SIW).
N.B. Lees ook: HARTONDERZOEK BIJ RUIM 1000 IERSE WOLFSHONDEN (RESULTATEN,
OVERLEVINGSKENMERKEN, TAURINECONCENTRATIES IN HET BLOED EN AANGEBOREN DCM) door
Andrea Vollmar